Een VvE die onderverzekerd is, ontdekt dat op het slechtst denkbare moment. Deze vier polissen vormen de basis, met daarnaast een paar aanvullingen die per complex verschillen.
1. De opstalverzekering
De belangrijkste polis: die dekt het gebouw zelf tegen brand, storm, waterschade en dergelijke. De VvE sluit deze collectief af voor het hele complex; individuele eigenaren hoeven dat dus niet apart te doen.
Herbouwwaarde
De verzekerde som is de herbouwwaarde: wat het kost om het gebouw in dezelfde staat opnieuw te bouwen, inclusief fundering, puinruimen en bijkomende kosten. Laat die waarde periodiek vaststellen met een herbouwwaardemeter of taxatie. Een taxatie door een erkende deskundige geeft meestal een garantie tegen onderverzekering gedurende een aantal jaren — bij schade scheelt dat discussie.
De herbouwwaarde is bovendien het getal waarmee u de wettelijke minimumdotatie van 0,5% voor het reservefonds berekent. Twee vliegen in één klap.
2. Aansprakelijkheidsverzekering voor de VvE
Dekt schade aan derden waarvoor de VvE als eigenaar van het gebouw aansprakelijk is: een losgeraakte dakpan op een geparkeerde auto, iemand die valt over een losliggende tegel in de gemeenschappelijke tuin.
3. Bestuurdersaansprakelijkheid
Bestuurders van een VvE zijn in beginsel vrijwilligers, maar kunnen persoonlijk aansprakelijk worden gesteld bij onbehoorlijk bestuur — bijvoorbeeld een verzekering die niet op tijd verlengd is. Een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering is relatief goedkoop en maakt het bovendien makkelijker om bestuursleden te vinden.
4. Rechtsbijstand
Voor conflicten met een aannemer, een leverancier of een eigenaar. Let op de wachttijd bij nieuwe polissen en op de vraag of geschillen tússen leden van de VvE zijn meeverzekerd — dat is lang niet altijd zo.
Aanvullend, afhankelijk van het complex
- Glasverzekering als het glas volgens de akte voor rekening van de VvE komt.
- Machinebreuk voor lift, warmtepomp of collectieve installaties.
- Milieuschade bij een eigen olietank of bodemrisico.
- Werkgevers- of vrijwilligersaansprakelijkheid als de VvE zelf iemand in dienst heeft of klussen door bewoners laat doen.
- CAR-verzekering tijdens een grote renovatie — vaak regelt de aannemer dit, maar controleer of de VvE is meeverzekerd.
Het gat: opstal versus inboedel
De opstalpolis van de VvE dekt het gebouw. De inboedel van de bewoner — meubels, kleding, apparatuur — valt onder zijn eigen inboedelverzekering. Daartussen zit een grijs gebied: eigen verbeteringen zoals een nieuwe keuken, badkamer of parketvloer.
Sommige VvE-polissen dekken die verbeteringen mee, andere niet. Zoek uit hoe uw polis het regelt en laat het aan alle bewoners weten, zodat zij hun eigen verzekering daarop kunnen afstemmen. Dit is een van de weinige mededelingen waar bewoners u echt dankbaar voor zijn — meestal pas jaren later.
Zet "polissen doorlopen" één keer per jaar op de bestuursagenda: verzekerde som, eigen risico, dekkingen en premie naast elkaar. Twee uur werk, en het voorkomt de grootste risico's die een VvE kan lopen.
Schade melden
Spreek één meldpunt af en leg vast wie mag melden. Maak bij schade direct foto's, noteer datum en oorzaak, en meld binnen de termijn uit de polis. Houd reparaties die nodig zijn om erger te voorkomen apart in de administratie: die zijn meestal gedekt, ook als ze vooruitlopen op de schade-expertise.